De herfst van de gotiek! Ontdek twee originele kunstenaars-ondernemers in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten: Lucas Cranach de Oude en Wim Delvoye!
De neogotische toren van Wim Delvoye (1965) prijkt momenteel als blikvanger op het dak van het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten. Deze stalen toren van 17 m hoog en 10 ton zwaar is één van de topstukken van zijn nieuwe tentoonstelling ‘Knockin’ on heaven’s Door’. Daarnaast is er in het PSK eveneens de meesterlijke expositie te zien van het werk van Lucas Cranach de Oudere (1472-1553), algemeen beschouwd als één van de meest veelzijdige Europese schilders van de 16de eeuw.
Aanvankelijk schilderde Cranach religieus geïnspireerde werken. Maar tijdens zijn lange carrière als hofschilder van de Saksische keurvorsten nam hij deel aan de artistieke en politieke projecten van zijn oversten, alsook aan de fundamentele maatschappelijke veranderingen van zijn tijd. Cranach was ook een succesvol zakenman. Zo bijvoorbeeld was zijn rijke productie aan dubbelzinnige voorstellingen van het vrouwelijk naakt bedoeld voor de markt. Ongezien voor zijn tijd was de organisatie en productie van zijn atelier.
Duits curator Guido Messling tekende voor deze eerste grote Cranach-tentoonstelling in de Benelux. Juweeltjes van Cranach, Dürer en Metsys zijn met de grootste zorg uitgekozen en gepresenteerd in een chronologische opstelling. De uitmuntende scenografie van ‘The World of Lucas Cranach’ is ook zéér efficiënt: architecten-scenografen David Van Severen en Kersten Geers opteerden voor een houten decor met vensters, waardoor zij diepte konden creëren binnen de grote zalen van het Paleis voor Schone Kunsten. De kleurrijke Cranach-catalogus verraadt ontegensprekelijk Dooremans meesterhand…. Boeiend allemaal!
Gisteren zijn we in Cinema Nova naar de openingsfilm geweest van de derde editie van het Offscreen filmfestival, Air doll van Hirokazu Koreeda, een aangrijpend modern sprookje over de inner city blues van de grootstadsmens aan de hand van het verhaal van een opblaaspop die tot leven komt en ontdekt dat de wereld veel complexer in elkaar steekt dan ze ooit had kunnen vermoeden.
Een geslaagde opener voor een filmfestival dat zich richt tot liefhebbers van onalledaagse en ongewone cinema. Naast een selectie exclusieve (avant)-premières, ligt de focus dit jaar op de spaghetti western, met 15 klassiekers van het genre én de komst van notoir kenner en liefhebber, cult regisseur Alex Cox. In mijn apejaren was ik een enorme fan van Alex Cox’ BBC-programma Moviedrome, waarin hij telkens een cultfavoriet van een zeer lucide en vaak grappige inleiding voorzag. Zo leerde ik bijvoorbeeld het geweldige The wicker man kennen:
Onder de noemer “Pink & Violent” vertoont Offscreen 8 unieke films uit de Japanse exploitation cinema van de jaren 70. Ook exploitation, maar dan Europees is het werk van het Spaanse Z-film icoon Jess Franco die samen met zijn fetisj actrice Lina Romay naar Brussel afzakt. Kersen op de taart zijn de komst van geniale kluizenaar en geflipte animatiefilmer Bruce Bickford en van elektro muzikant Felix Kubin, als curator van een “Neue Deutsche Welle” avond. En vergeten we niet de vele off-screen activiteiten: lezingen, Q&A’s, gastentafels en DJ sets. Redenen te over dus om af te zakken naar de Nova, Cinematek of Bozar…
De Mexicaanse vechtsport Lucha libre (‘vrij worstelen’) is na voetbal de populairste sport in Mexico, gebaseerd op het Amerikaanse catch maar dan met bonte maskers, kostuums en vooral veel theater en acrobatie. De luchadores (vechters/acteurs) die in Mexico een quasi mythische sterrenstatus genieten, streken zaterdagavond neer in het Brusselse Koninklijk Circus, dat voor de gelegenheid tot een Mexicaanse catchtent was omgeturnd, compleet met ringpoezen en al. Pompende hardrock op de catwalk, vuurwerk, gespierde lijven die door de lucht vlogen, Corona die rijkelijk vloeide. De regels in de ring zijn eenvoudig: de técnicos tegen de rudos. De técnicos zijn ‘de goeden’, de technische vechters die de regels volgen; de rudos zijn de gemene slechteriken, de vuile spelers quoi. De gevechten zijn min of meer vooraf doorgesproken, maar de toeschouwers weten niet wie in de strijd het onderspit zal delven.
In tegenstelling tot de Amerikaanse catchers zijn de Mexicaanse luchadores (ze zijn met zo’n slordige 5000) volkser, theatraler. Er zijn acrobatische gevechten met superatleten en met dwergen en travestieten, en ook vrouwelijke worstelaars schuwen de ring niet. De afsluiter is steevast een man-to-man fight tussen twee grootmeesters. Voor de spektakels in Brussel werd zowat de top overgevlogen met o.a. El Hijo del Santo, Huracan Ramirez Junior, Angel Blanco Junior, El Hijo Del Solitario. Maar het was vooral de flamboyante Cassandra/o die de show stal, compleet met geföhnde Farrah Fawcett-coupe die bij elke worp feilloos overeind bleef. Hij hield ons moeiteloos in zijn greep tijdens zijn pittige duel met luchador Magno. Hoog spektakelgehalte, bezwete lijven, opgehitst publiek tot in de nok, een magnum met amandelen, méér moest dat niet zijn…
Gisterenavond hebben we een unieke concertervaring gehad. Een ON-GE-LOOF-LIJK mooie en intense ervaring. Zinderend en bedwelmd tegelijkertijd hebben we de tot de nok gevulde Henry Le Boeufzaal (2000 plaatsen) van BOZAR verlaten, nog niet goed beseffend wat we hier gedurende meer dan twee uur te horen en te zien hadden gekregen van levende gitaarlegende Pat Metheny. Op zijn nieuwe wereldtournee concerteert hij solo… begeleid door instrumenten die niet bespeeld worden door muzikanten maar door de nagelnieuwe Orchestrionics-technologie, zo genoemd naar The Orchestrion, een verbazend mechanisch instrument dat op zijn eentje een volledig orkest vervangt. Metheny begon zijn set met drie geniale vingeroefeningen op sologitaar, met op de achtergrond zijn monsterlijk instrument nog gehuld in rode gordijnen. Die werden na de slotnoten van de eerste solo’s langzaam weggeschoven en tot grote verbazing van het publiek verscheen daar in volle glorie Metheny’s nieuwe speelgoed. Metheny begon aan een uitgebreide suite, aanvankelijk begeleid door slechts één onderdeel van het gevaarte achter hem, om nadien geleidelijk deel per deel van het instrumentarium toe te voegen. In het volgende filmpje geeft de uiterst sympathieke en grappige Metheny meer uitleg over zijn verbluffend project.
Al snel werd duidelijk dat een gevaarte als The Orchestrion alleen in de handen van een muzikaal genie als Metheny tot een dergelijk resultaat kon leiden. Na zijn optreden kreeg Metheny dan ook een meer dan verdiende, minutenlange staande ovatie. Een muzikaal orgasme, dat ons lang zal bijblijven…
De hedendaagse Chinese en Belgische kunstcreatie wordt in de expo State of Things. Brussels/Beijing bekeken door de ogen van 2 wereldwijd bekende kunstenaars, als daar zijn de Belg Luc Tuymans en zijn Chinese evenknie Ai Wei Wei, a.k.a. de geniale architect van het Olympisch Stadium in Peking (het zgn.‘Vogelneststadium’).
Er is weinig culturele communicatie tussen hedendaagse artiesten hier en in China. Toch – zegt Ai Wei Wei in het voorwoord van de prachtige catalogus – is er een “comparable mind set” in wat ze creëren. Een 50-tal Belgische en Chinese kunstenaars wordt naast elkaar geplaatst voor wat betreft de context van hun artistiek werk. Ai Wei Wei en Luc Tuymans ambiëren hiermee dieper in te gaan op de kwestie of kunst niet steeds de samenleving, en de tijdsgeest weerspiegelt.
Beiden kozen hun ‘eigen’ kunstenaars met de bedoeling een dialoog tot stand te brengen. Die keuze is dan ook zeer gediversifieerd: we zien werk van o.a. Jan Vercruysse, Wim Delvoye, Kati Heck (het bevreemdende ‘Fils à papa zur visite’), Jan Fabre, Danny Devos (‘the Beast of Jersey’), Ana Torfs, Ann Veronica Janssens, Dirk Braeckman, Robert Devriendt, Dennis Tyfus en Vaast Colson (‘Straight up Owl’). Van Chinese zijde krijgen we zéér sterk werk voorgeschoteld van o.a. Chi Peng (‘Sprinting Forward’), Wang Luyan (de rode soldaten met geweer), Li Zhanyan (installaties zoals bvb ‘Uli’ of ‘Circumcision’) of Lin Tianmiao (‘Mother’s n°12’).
Bedoeling van deze expo is dat de positionering van deze artiesten tegenover elkaar de toeschouwer tot nadenken stemt. Wij waren het er alvast over eens: een zéér verfrissende expo die een interessant venster biedt op de hedendaagse kunstscène. Een aanrader!
@PSK, tot 10/1/10
Daarnaast is er ook de fototentoonstelling Still Life, over hedendaagse Chinese fotografie, waarin 13 jonge Chinese fotografen de dagdagelijkse realiteit in persoonlijke, meditatieve beelden weergeven.
De recent geopende historische Europalia-tentoonstelling Zoon van de Hemel brengt een 250-tal topstukken uit China’s meest prestigieuze musea, vanaf de eerste leiders (4de-3de millennium) tot de keizers van de laatste Qing-dynastie (1644-1911). In de Chinese mythologie werden hemel en aarde gescheiden door Pangu, de schepper van het universum. De keizer liet zich ‘Zoon van de hemel’ noemen: precies hij bevond zich tussen hemel en aarde, en zijn fundamentele opdracht doorheen de verschillende generaties en dynastieën heen was het bewaren van harmonie in het universum.
De objecten – waarvan bijna de helft voor het eerst buiten China wordt tentoongesteld – symboliseren de verpersoonlijking van de goddelijke plaats tussen hemel, aarde en de mensen: offervaten, keizerlijke gewaden, porselein en aardewerk, beschilderde zijderollen, astronomische instrumenten, siervoorwerpen enz. Een kolfje naar de hand voor liefhebbers van brons en jade (een toch wel verbluffende lijkwade integraal gemaakt uit dit zachtgroene mineraal dat door de Chinezen al van oudsher als edelsteen werd aanzien). Mijn bijzondere voorkeur ging uit naar de drie terracotta beeldjes van De danseressen met de lange mouwen uit de Han-dynastie, die me meteen in de sfeer van Zhang Yimou brachten… Ook de wapenuitrustingen, samengesteld uit vele kleine lederen (of bronzen) rechthoekjes minutieus aan elkaar gezet met gouddraad en rode linten, getuigen van een onmiskenbaar vakmanschap. Ik was toch wel verrast!
Zoon van de Hemel
10.10.2009 – 24.01.2010 Paleis voor Schone Kunsten, Brussel
Over de middag even bij de buren van Bozar langsgeweest voor de tentoonstelling Sexties. Het erotisch getinte werk van Guido Crepax, Paul Cuvelier, Jean-Claude Forest (de geestelijke vader van Barbarella) en de onovertroffen Guy Peellaert (die onder andere de hoes maakte voor Bowie’s Diamond dogs) staat hier centraal. Vier auteurs die de stripwereld in de jaren 60 hebben bepaald en wier invloed nog steeds geldt. Langs een zeer aangenaam en mooi vormgegeven parcours (die gigantische muur met Peellaerts Pravda-figuur! De zwart-wit tekeningen van Crepax die je als een voyeur bekijkt doorheen een lintjesgordijn!), krijg je op de tonen van muziek uit de sixties een uitgebreid overzicht van de carrière van elk van deze striptekenaars en grafisten, met originele stripplaten en alles erop en eraan. Een kleine maar intense tentoonstelling, ideaal om snel even binnen te wippen (pun intended)…
Tijdens de middagpauze even door de Sophie Calle -tentoonstelling in BOZAR gelopen. Er was vrij veel lawaai want ze zijn Jan De Cock zijn tentoonstelling aan het afbreken, wat een beetje storend werkte want er zijn in iedere zaal veel geluidsfragmenten en het kwam ook de projectie van haar enige film, No sex last night, niet ten goede. Maar, passons. Visueel en ruimtelijk past een Calle-tentoonstelling perfect in de mooie gerenoveerde zalen van het vernieuwde Paleis voor Schone Kunsten. Ik liep er een goed uur in rond en dat is eigenlijk te weinig. Tekst is inherent aan Calles oeuvre en je moet echt wel de tijd nemen om alles te lezen wil je soms vergaande bijbedoelingen volledig doorgronden. Gelukkig kocht mijn vriendin de catalogus en kan ik dus alle werken nog eens op mijn gemak thuis lezen. En daar kijk ik nu al naar uit! Uren en uren plezier gegarandeerd. Want als er iets is dat ik waardeer in het werk van Calle dan is het wel haar gevoel voor humor…
In het volgende filmpje geeft Calle in sappig Frenglish uitleg bij Prends soins de toi, haar bijdrage voor de Bienale in Venetië in 2007:
Recent Comments