Archive for the 'comics' Category Page 2 of 3



X’ed out

Charles Burns, niet de eigenaar van de kerncentrale in The Simpsons, maar wel de auteur van onder andere het geweldige Black Hole en verschillende legendarische platenhoezen, heeft een nieuwe strip uit. Black Hole is wat mij betreft één van de mijlpalen in de stripgeschiedenis.  Dit boek, over hoe jongeren in Seattle omgaan met een seksueel overdraagbare ziekte die mutaties veroorzaakt, heeft mij nooit meer losgelaten. Ook zijn andere bij Fantagraphics verschenen bundels zijn absolute aanraders. Het was lang wachten op X’ed Out, maar het was meer dan de moeite waard. Burns is terug en hij is in topvorm.

Charles Burns X'ed out cover

Centraal staat Doug, een schuchtere, jonge kerel die zich af en toe aan performance-art in onversneden beatnikstijl waagt. Tijdens die optredens draagt hij bovendien een Kuifje-achtig masker en noemt hij zichzelf ‘Nitnit’. Bij aanvang van het boek is Doug bedlegerig en slikt de ene na de andere pijnstiller. In een droom ziet hij zijn jaren geleden gestorven zwarte kat, Inky, door een enorm gat in zijn slaapkamermuur stappen. Wanneer hij Inky volgt komt Doug in een vreemde wereld vol amfibische wezens terecht. Ondertussen krijgen we via flashbacks een idee hoe hij in zijn ziekelijke toestand is verzeild: je raadt het al, een mysterieus meisje ligt aan de basis van zijn problemen.

Charles Burns X'ed out 1

Verbluffend is de manier waarop Burns verschillende tekenstijlen gebruikt, afhankelijk van de toestand waarin Doug zich bevindt. Wanneer Doug in die andere dimensie rondwaart refereert Burns overduidelijk aan Hergé. De cover is – hoe kan het anders – eveneens een hommage aan Kuifje, in het bijzonder De Geheimzinnige Ster.

Charles Burns X'ed out 2

Maar dit is zo veel meer dan een eerbetoon aan Kuifje. Het is pur sang Burns, met een vleugje David Lynch. Voeg daar de vele verwijzingen naar fotografie en de feel en sfeer uit de boeken van hombre invisible William S. Burroughs bij, en je komt uit op een behoorlijk hypnotiserende trip. Ik kijk nu al uit naar het tweede deel van dit veelbelovende drieluik.

Wilson

Wilson is de korte en krachtige titel van het jongste stripverhaal van de grandioze Daniel Clowes (Like a glove cast in iron, Ghost world, David Boring, Pussey). De gelijknamige held van het verhaal is een koppige muilezel die midden in zijn midlife crisis is beland en op het eerste gezicht geen andere vriend dan zijn hond heeft. Hij maakt het zichzelf en iedereen die de pech heeft in zijn omgeving rond te hangen zeer lastig. Zijn conversaties gaan vaak maar in één richting, hij wijdt over de meest banale kwesties oeverloos uit, hij is bijzonder brutaal tot op het onbeschofte af, zet zichzelf graag te kakken en hoopt voortdurend een toehoorder te vinden die zijn geflipte gedachtengoed wil volgen. Wanneer zijn vader op sterven ligt besluit hij, uit schrik om moederziel alleen achter te blijven, zijn ex-vrouw op te zoeken (waarvan hij overtuigd is dat ze een junkiehoertje was en hem daarom verlaten heeft: een hilarische rode draad doorheen het verhaal) in de hoop de vlam opnieuw in hun sinds lang onderbroken huwelijk te jagen. Hij ontdekt dat hij een tienerdochter heeft, die na de geboorte voor adoptatie werd opgegeven. Wilson doet zijn uiterste best om zijn driedelig gezinnetje terug samen te brengen, maar dat lijkt toch minder makkelijk te zijn dan hij aanvankelijk denkt.

Clowes’ tekenstijl is als vanouds van het hoogste niveau en hij bewijst eens te meer dat hij als geen ander het mes kan zetten in de etterende zweren van het menselijk tekort. Met korte en in verschillende stijlen getekende vignettes van telkens 1 bladzijde schrijden we mondjesmaat verder in het leven van Wilson, een techniek die juist door de ellipsen in het verhaal de lezer nog dichter bij het hoofdpersonage brengt.  Wilson boeit, ontroert en verbijstert.

Voor enkele fragmenten, klik hier.

Monster

Gisteren de laatste bladzijde omgeslagen van het 18de en laatste deel van de manga Monster van Naoki Urasawa. Samen zijn dat meer dan 4.300 bladzijden manga. Twee volle weken was ik in de ban van het mysterie van ‘de villa van de rode rozen’, de goddelijke tweeling, de meedogenloze Johann en zijn duivels plan, dokter Tenma, Franz Bonaparta, inspecteur Lunge, Herr Grimmer, Nina Fortner, Eva Heinemann en tientallen andere personages die voorkomen in dit heel erg spannend verhaal.

De sfeer is een beetje vergelijkbaar met die van in de film Se7en en de vele verrassende plotwendingen doen soms denken aan The usual suspects en zelfs Memento.  Het filmische karakter is geen toeval: Urasawa is een cinefiel en kent duidelijk zijn klassiekers van de film noir. Hij bespeelt het register van dit filmgenre dan ook moeiteloos en op meesterlijke wijze. Als mangaka verzorgt Urasawa zijn tekeningen, hij hanteert een enorm realisme en houdt zich tegelijkertijd aan de klassieke stijl.

Een onvergetelijke leeservaring, zoveel mag duidelijk zijn. Het leven lijkt toch anders, na het kwaad in de vorm van Johann aan het werk te hebben gezien… Wow! Er bestaat ook een anime van Monster : 74 episodes van elk 24 minuten. Misschien toch beter eerst even de strip laten bezinken…

Kiki van Montparnasse

De veelgeprezen en alom gelauwerde strip Kiki van Montparnasse is nu ook beschikbaar in het Nederlands in een gezamenlijke uitgave van Oog & Blik en De Bezige Bij. Onderwerp van het verhaal is de bij leven al legendarische Alice Prin, alias Kiki, niet alleen de muze en het eeuwige model van ronkende namen als Chaim Soutine, Man Ray, Foujita, Moise Kisling, Jean Cocteau, Alexander Calder en Francis Picabia, maar ook actrice, schilderes, cabaretzangeres, schrijfster van de meest aangebrande memoires ooit en eeuwig enfant terrible.

Kiki’s leven leest als de kroniek van een aangekondigde dood: seks, drugs, kunst  en cabaret. En van dat alles veel, heel veel. Maar ook gedrevenheid om het te maken, een onverwoestbare drang tot leven, een wanhopige wil om het onderste uit de kan te halen. Wie de avantgarde cinema uit het begin van de vorige eeuw naar waarde weet te schatten kent haar ongetwijfeld uit filmparels als L’étoile de mer, Emak bakia, Le retour à la raison of L’inhumaine.

Een mooie, rijk gestoffeerde uitgave die mij alvast heel wat heeft bijgebracht over het dagelijkse leven tijdens het interbellum, de oorlogsperiode en het begin van de jaren 50. Wie bovendien interesse heeft voor de ontstaansgeschiedenis van het surrealisme en dada zal in Kiki een aantrekkelijke en leerrijke gids vinden. Een knap stripverhaal dat mijn jaar alvast goed heeft ingezet.

Selfish pig

Andy Riley van de hilarische cartoonreeks Bunny Suicides heeft een nieuw boekje uit, met een nieuwe held: Selfish pig! De voorbeelden hieronder brachten me alvast aan het lachen…

selfish pigs 6

Of wat dacht je van:

selfish pigs 7Ik ga er straks één halen!

Red Meat

Ik kwam vandaag op het net toevallig een cartoon tegen van de weergaloze Max Cannon. Was vergeten hoe grappig die kerel is.

Red meat 1

Op zijn site Red meat brengt Cannon dagelijks nieuwe cartoons, met onvergetelijke figuren als Ted Johnson, Clyde, Milkman Dan, Bug-Eyed Earl en nog een handvol andere weirdo’s uit creepy suburbia in de hoofdrollen.

red meat 2

Telkens drie onveranderlijke platen, met een cynische punchline als afsluiter. Klassieke degelijkheid en vooral bijzonder grappig.

red meat 3

De drie uitgaves van Max Cannon zijn nog steeds vlot verkrijgbaar. Wanneer komt er nu eindelijk een vierde, Max ?

Sexties

Guy Peellaert

Over de middag even bij de buren van Bozar langsgeweest voor de tentoonstelling Sexties. Het erotisch getinte werk van Guido Crepax, Paul Cuvelier, Jean-Claude Forest (de geestelijke vader van Barbarella) en de onovertroffen Guy Peellaert (die onder andere de hoes maakte voor Bowie’s Diamond dogs) staat hier centraal. Vier auteurs die de stripwereld in de jaren 60 hebben bepaald en wier invloed nog steeds geldt. Langs een zeer aangenaam en mooi vormgegeven parcours (die gigantische muur met Peellaerts Pravda-figuur! De zwart-wit tekeningen van Crepax die je als een voyeur bekijkt doorheen een lintjesgordijn!), krijg je op de tonen van muziek uit de sixties een uitgebreid overzicht van de carrière van elk van deze striptekenaars en grafisten, met originele stripplaten en alles erop en eraan. Een kleine maar intense tentoonstelling, ideaal om snel even binnen te wippen (pun intended)…

Bottomless belly button

Ik had het er al eerder over op deze freaky pagina’s, maar ik wil nog eens een pluim steken voor wat voor mij de strip van vorig jaar is: Bottomless belly button van de piepjonge en zeer getalenteerde Dash Shaw.

Bottomless belly button cover

Het boek vertelt het verhaal van een week in het leven van de Loony familie, waar de ouders na veertig jaar huwelijk besluiten te gaan scheiden. De drie volwassen Loony kinderen reageren elk op hun manier wanneer ze op de hoogte gebracht worden van de beslissing van de ouders tijdens een familiereunie in het afgelegen ouderlijk strandhuis. De oudste zoon, sportjournalist Dennis, heeft het het moeilijkst en probeert op zoek te gaan naar de oorzaak van de scheiding. Het middenste kind, Claire, wordt afgeleid door haar tienerdochter Jill en het verdriet van haar recente scheiding met de vader van haar enig kind. De jongste, Peter, is een filmstudent die in de knoop ligt met zichzelf en zijn dagen slijt op het strand met een aantrekkelijke kinderoppas.

Bottomless belly button - Jill & Peter

De drie hoofdpersonages zijn zo verschillend dat het soms moeilijk te geloven is dat ze deel uitmaken van dezelfde familie. Dennis is kinderachtig en gefrustreerd (“Homer Simpson with hair”, zegt Shaw zelf). Claire draagt de ganse strip door lange handschoenen, alsof die haar emotionele verwarring op afstand kunnen houden. Peter voelt zich uitgesloten: “My whole family looks at me like I’m a big, dumb frog”, zegt hij op een bepaald moment tegen zijn vriendin en Shaw tekent hem dan ook de hele strip door (720 pagina’s) met een kikkerkop, op één panel na dat dan ook in een soort catharsis als een ontroerende verrassing komt.

Bottomless belly button

Het cartooneske van de tekeningen geeft de gewichtigheid van het onderwerp een extra emotionele opstoot. Een wonderlijk boek dat ik iedere stripliefhebber van harte aanraad… Dash Shaw is een naam om te onthouden.

Yoshihiro Tatsumi

Soms leer je het werk kennen van bepaalde kunstenaars die je nooit meer zullen loslaten. Een paar jaar terug, toen de geweldige Adrian Tomine het lumineuze idee kreeg om het werk van mangaveteraan Yoshihiro Tatsumi in Engelse vertaling te laten uitbrengen door Drawn & Quarterly, had ik zo’n moment. Sinds het eerste boek, The pushman and other stories, ben ik helemaal verknocht aan het unieke universum dat Tatsumi in zijn typische gekiga-stijl weet op te roepen. Hierna volgden al snel twee andere even indrukwekkende delen met korte verhalen (Abandon the old Tokyo & Good-bye) en niet zo heel lang geleden is het autobiografische A drifting life uitgekomen. Een pil van maar liefst 855 pagina’s en wat mij betreft Tatsumi’s magnnum opus en tout court een van de allerbeste levensbeschrijvende teksten die ik ooit heb gelezen.
A drifting life - Yoshihiro Tatsumi

In dit boek beschrijft veteraan Tatsumi op meesterlijke en bijzonder indringende wijze zijn persoonlijk artistiek parcours, vanaf het einde van W.O.II, toen hij op tienjarige leeftijd de mangawereld leert kennen en besluit om er zijn verdere leven aan te wijden.

A drifting life (fragment 1)

Ook zijn legendarische ontmoeting met de God van manga, Osamu Tezuka, komt aan bod:

A drifting life (Tezuka)

Zijn eerste publicaties toen hij nog op school zat, zijn stijgend succes, zijn frustraties als beginnend kunstenaar die zich aan het commerciële probeert te onttrekken en de ontwikkeling van zijn zo invloedrijke, realistische gekiga-stijl: dit alles behandelt Tatsumi grandioos, zonder de alledaagse problemen van een opgroeiende adolescent – familiale conflicten, amoureuze verwikkelingen, ontluikende sexualiteit – uit het oog te verliezen. Grootse kunst…

Meathaus

Trouwe lezers weten dat we bij Freaky comics hoog in het vaandel voeren. Voor de meer avontuurlijke comics liefhebber is er het Meathaus collectief, een groep auteurs van de School of Visual Arts in Manhattan die sinds 2000 een reeks anthologies uitgaven die op steeds meer bijval konden rekenen. Dash Shaw, een van de auteurs van het collectief, heeft onlangs het lijvige Bottomless Belly Button uitgegeven. Een van de betere comics die we hier hebben zien verschijnen de laatste jaren.

Dash Shaw - Bottomless Belly Button

Het collectief heeft een geweldige site waar op geregelde tijdstippen onwaarschijnlijke filmpjes als het volgende op te vinden zijn (Het visuele design is van Will Sweeney, de muziek van Birdy Nam Nam):

Maar het is vooral het mooie aanbod van tekeningen en ander grafisch werk die de site zo uniek maakt. Zet ‘m dus maar in de RSS-reader. Je zal het je niet beklagen…