Author Archive for ann

Takeshi Kitano @ Fondation Cartier

De Parijse Fondation Cartier – een prachtig ontwerp van architect Jean Nouvel – pakt uit met een kleine expo Gosse de peintre van ‘Beat’ Takeshi Kitano. Er zijn schilderijen, video’s, installaties, decors, sensationele machinerieën, grappen en grollen te zien, waarbij hij de bezoeker bij de neus neemt , spelletjes speelt, de hedendaagse kunst aan zijn laars lapt. De Japanner Kitano is cineast, komiek, televisiemaker, schrijver, schilder. In het buitenland is hij vooral gekend van zijn films (Hana-bi -1997, Brother – 2000, Zatoichi - 2003, om er maar enkele te noemen), maar in zijn vaderland is hij razend populair als TV komiek. Zo maakte hij eind jaren ’60 als Beat Takeshi deel uit van het comedy-duo The Two Beats, een duo dat vooral bij de Japanse studenten zeer populair was. De bijnaam Beat Takeshi bleef hij sindsdien gebruiken.

Gosse de peintre toont Kitano’s fascinatie en nostalgie naar de kindertijd, en heeft dan ook een sterk autobiografische dimensie. De museumruimte wordt als het ware omgevormd tot een lunapark waar popcultuur, satire, het imaginaire, traditie, schoonheid en kitsch samensmelten tot een kolkende en levenslustige brij, waarbij het publiek wordt aangezet tot participeren. Je wordt meegenomen in zijn verhaal over het uitsterven van dinosaurussen (ze verdwenen waarschijnlijk ten gevolge van excessief rookgedrag…), van vissen die overheerlijke sushi’s in hun ingewanden meevoeren, en nog zo van die grollen. ‘Avec cette exposition, j’ai sans doute voulu donner une autre définition au mot ‘art’  qui soit moins conventionnelle, moins snob, plus décontractée et accessible à tous’ zegt hij erover.

Kitano’s schilderijen, zeer figuratief en narratief weliswaar, konden ons niet echt bekoren. Kitano zegt zelf ‘zondagsschilder’ te willen zijn, en zijn stijl verraadt dat ook. Kleurrijk en naïef, but not really our cup of tea… Hilarisch zijn dan weer de video’s van komische TV shows, met Kitano in zijn ontelbare vermommingen. Kortom, deze expo is een atelier voor groot en klein, en alleen al de prachtige groene locatie vlakbij het cimetière Montparnasse (waar o.a. Gainsbourg, Beckett, Baudelaire en de Beauvoir rusten) en de onvervalste grandeur van de Brasserie La Coupole is een bezoekje waard!

Nog tot 12 september 2010.

Lucian Freud @ Pompidou

Met Lucian Freud, L’atelier haalt het Centre Pompidou opnieuw een grote klepper in huis. Vorig jaar nog ging zijn Big Sue voor maar liefst 21,7 miljoen euro onder de hamer (en jawel de Rus Roman Abramovich zat er voor iets tussen), een recordbedrag voor werk van een levend artiest. Lucian Freud, 88 en kleinzoon van, wordt dan ook vaak de grootste hedendaagse Britse kunstenaar genoemd sinds de dood van Francis Bacon, met wie hij jarenlang bevriend was en ondermeer de ‘London School’ vormde.

Met een scherpe blik maakt de Duits/Britse schilder (°Berlijn 1922 – Britse nationaliteit in ’39) zeer persoonlijke, realistische en niets verhullende portretten op groot formaat. Hij schildert naar levend model, of kijkt door het raam naar zijn veranderende tuin, of schildert zijn zelfportret in de spiegel. Hij beeldt vooral mensen uit zijn directe omgeving af: vrienden, familie, kinderen, minnaressen, collega’s. Zijn grote voorbeelden zijn meesters zoals John Constable en Frans Hals.

The Prongs feat. Thomas Smetryns & Kaffe Matthews

Een tijdje geleden gingen we in Vooruit kijken en vooral luisteren naar onze goede vriend Thomas Smetryns, die samen met de in electronicakringen nu al legendarische Kaffe Matthews een eigen compositie bracht met stemvorken. Thomas en Matthews bespeelden de stemvorken afwisselend of tegelijkertijd, terwijl die laatste de uitgepuurde en sfeervolle klanken eveneens samplede en bewerkte in real time.

Kaffe Mathews verwierf faam door haar live sampling technieken. Ze onmoette Thomas tijdens een project met het Hermes ensemble en hij vertelde haar over zijn fascinatie voor stemvorken: zo blijken er stemvorken te bestaan met verschillende toonhoogten die onder andere ook gebruikt worden in de astrologie. Thomas schuimt al geruime tijd het internet af op zoek naar stemvorken – van de allergrootste tot hele kleine. Hij sprokkelde ondertussen al een indrukwekkende verzameling bijeen. Matthews was meteen enthousiast.

In een verduisterde Domzaal zat het publiek in een cirkel rond de twee muzikanten, in het midden van de zaal. Meer dan een uur lang werden we meegesleept door de hemelse klanken van de stemvorken. Toen het plots hard begon te regenen en het ritmische geluid op het loden dak harmonieus met de kosmische klanken van de vorken samensmolt, hing er zoiets als magie in de lucht. Een pure, intieme muziekervaring, die nog lang zal blijven nazinderen…

Gustave Van de Woestyne

Nog tot 27 juni loopt er in het Gentse Museum voor Schone Kunsten een unieke retrospectieve van het werk van kunstschilder/tekenaar/illustrator Gustave Van de Woestyne, die omschreven wordt als één van de meest oorspronkelijke kunstenaars uit de Belgische kunstgeschiedenis. Gustave Van de Woestyne, broer van schrijver Karel Van de Woestijne (die zijn naam ‘vervlaamste’), werd in zijn geboortestad Gent slechts één keer in ’49, herdacht met een tentoonstelling in het MSK, en dat twee jaar na zijn overlijden. Meer dan een halve eeuw later valt hem nu eindelijk in datzelfde museum de eer te beurt die hij verdient, en dit met een schitterend overzicht van zijn omvattende oeuvre, dat opvallend modern en fris oogt.

Gustave Van de Woestyne gaf een eigenzinnige interpretatie aan het symbolisme en het expressionisme. In de tentoonstelling passeren chronologisch en zeer gedetailleerd de verschillende fasen in zijn werk de revue: het symbolistische werk uit de Latemse en Leuvense tijd (de boerenportretten, religieuze taferelen,…), de Engelse toets tijdens de Eerste Wereldoorlog, het expressionistische werk van de jaren 1920-1930, en het latere oeuvre in de geest van het nieuwe realisme. Er is een voortreffelijke catalogus beschikbaar, uitgegeven door het Mercatorfonds.

In het Brusselse museum voor Schone Kunsten loopt terzelfdertijd een expositie over het Symbolisme in België, waarin vooral het Gesamtkunstwerk en het Brusselse fin de siècle centraal staan. Naast werken van Félicien Rops (van wiens werk we gulzig konden proeven tijdens een koude januarinamiddag in Namen), Khnopff, Spilliaert, Minne en vele anderen, vallen hier ook een paar werken van Van de Woestyne te bekijken. Deze expo is vooral een illustratie van het door curator Michel Draguet in 2005 gepubliceerde essay Le Symbolisme en Belgique, en geeft een eerder rommelige en oninteressante indruk. Heel wat grote namen werden op een symbolistisch hoopje gegooid en voor ons was alle betekenis en zingeving vér zoek. Diametraal tegengesteld althans aan de sobere, ingetogen verzameling meesterwerken van stadsgenoot Gustave Van de Woestyne. Het Gentse Museum voor Schone Kunsten steekt met deze voortreffelijke tentoonstelling zijn Brusselse evenknie ruimschoots naar de kroon…

Stem op je favoriete museum voor de Museumprijs 2010.

Peter De Graef – Zoals de dingen gaan

Zonét een ongelooflijk bevredigend stuk teksttheater achter de kiezen gehad! Zoals de dingen gaan is de nieuwe theatermonoloog van acteur/regisseur/toneelschrijver Peter De Graef (1958), over een man die helemaal niet bezig is met ‘de waarheid’, maar er toch voortdurend tegenaan botst. In een opwelling koopt hij een enkeltje Afrika, regelrecht naar zijn noodlot. En dan! Met het mes op de keel begint het tot hem door te dringen hoe het allemaal in elkaar zit. Zoals de dingen gaan…

Een voorstelling over fantasie en realiteit, de eigen juiste/foute voorstelling van die realiteit, het collectief geheugen… Grenzeloos rasverteller De Graef neemt je mee in zijn wereld, hierbij begeleid door Bo Spaenc op allerlei tokkel-, blaas, trek- en rammelinstrumenten, die een extra sfeerschepping opleveren. De Standaard schreef hierover: “Alle stand-up comedians mogen eens gaan kijken hoe geestig, meeslepend en overtuigend iemand op een podium kan zijn.”  Wouter Hillaert noemt het een “existentiële therapie” in RektoVerso: het gaat steeds over naïeve kleine mensjes, groot in hun impulsieve verlangens en onhandig in de uitwerking ervan. Key word hier is ‘relativering’…

Zoals de dingen gaan evenaart het hilarische depressieverhaal Inside Stories van 2008. Een krankzinnige en meeslepende theatergebeurtenis, voor wie gek is op taal en tekst!

Onder het melkwoud

We hadden zin in een flinke portie onversneden theater en waagden ons aan Onder het melkwoud, de theateradaptatie van de oorspronkelijk als hoorspel geconcipieerde tekst van de Welsche dichter Dylan Thomas. De theatertekst – waarvan Hugo Claus 5 jaar later, in 1958, een onnavolgbare vertaling maakte – groeide uit tot een hoogtepunt van de Engelstalige literatuur.

Dylan Thomas brengt in een poëtische taal het fictieve Welsche dorpje Llareggub op meesterlijke wijze tot leven. Jan Decleir en Koen De Sutter nemen de toeschouwers op sleeptouw langs pleinen, steegjes, straten en huizen waar je kan binnenkijken en vertolken de gedachten en diepste verlangens van hun bewoners… Een 60-tal personages worden op een maffe wijze tot leven gewekt door 2 magistrale vertellers. De ondertussen 63-jarige Decleir straalt op de scène een onwaarschijnlijke kracht uit, ons welbekend nog van De Tijger en Obscene Fabels van Dario Fo. De gave prestatie van Koen De Sutter doet in niets onder voor die van Decleir. Kortom, wij likten wellustig onze vingers af van de rijke, barokke beeldtaal en de boeiende enscenering vol kleine geluidjes en verrassinkjes… een stevige theaterervaring!

Fish tank

Fish Tank is een niet-te-missen filmparel van de hand van Andrea Arnold, Brits vrouwelijke regisseur die zonder fout het rijtje sociaal-realistische filmers zoals Mike Leigh en Ken Loach kan vervoegen en die zich eerder liet opmerken met Red Road. Maar dan met een scherpe, onmiskenbaar vrouwelijke toets!

De 15-jarige Mia (een heerlijke Katie Jarvis, door Arnold ‘ontdekt’ op het perron van een station) woont met haar moeder en jongere zusje in een buitenwijk van Essex. Mia is van school geschopt wegens agressief gedrag, en hangt sedertdien wat rond in de omgeving. Haar enige uitlaatklep tussen de vele ruzies met haar moeder door, zijn de hiphop danspassen die ze instudeert in een lege flat. Haar leven neemt echter een vreemde wending wanneer haar moeder haar nieuwe vriend Connor mee naar huis brengt (rol van Michael Fassbender, bekend uit Steve McQueen’s Hunger). Arnold’s schets van dit personage en diens ongepaste toenadering tot Mia, is bijzonder subtiel en beklemmend in beeld gebracht.

De film wordt in observerende stijl verteld vanuit het standpunt van Mia. Krachtige eindsequens op muziek van rapper Nas’ Life’s a bitch and then you die: ondanks de nodige shit kan er toch worden gedanst…  Intrigerende film die blijft plakken!

Alice in Wonderland

Wij keken er al lang naar uit: de jongste prent van regisseur Tim Burton (°1958), een herwerking van Lewis Carroll’s boek Alice’s Adventures in Wonderland, bleek een schot in de roos! De film speelt zich af op het Engelse platteland. Alice is nu 17 en krijgt op een feest in een Victoriaans landhuis een huwelijksaanzoek van de zoon van één van haar vaders business partners, en dit voor de ogen van een 100-tal muffe societygenodigden. Ze vlucht weg, volgt een wit konijn en duikt mee het hol onder de grond in. Ze komt terecht in Wonderland, waar ze van de ene bizarre situatie in de andere belandt… In deze magische wereld uit haar kindertijd ontmoet Alice opnieuw haar vroegere vrienden. Haar ware doel is de ijzeren terreur van de Rode Koningin in de kiem te smoren…

Héérlijke 3D-film met een perfect gecaste Mia Wasikowska als de frisse Alice, en een waanzinnig coole Johnny Depp (voor de 7de keer in zee met Burton) als het personage van de Mad Hatter.

Tim Burton (die eerder al tekende voor o.a. Mars Attacks!, Edward Scissorhands, Corpse Bride, Batman Forever, Big Fish,.. ) leverde met deze Alice in Wonderland een grillig en visueel verbluffend filmsprookje af, waarin live action en computeranimatie naadloos in elkaar vallen en dat de kijker bij wijlen naar adem doet happen…

Lucha libre!

De Mexicaanse vechtsport Lucha libre (‘vrij worstelen’) is na voetbal de populairste sport in Mexico, gebaseerd op het Amerikaanse catch maar dan met bonte maskers, kostuums en vooral veel theater en acrobatie. De luchadores (vechters/acteurs) die in Mexico een quasi mythische sterrenstatus genieten, streken zaterdagavond neer in het Brusselse Koninklijk Circus, dat voor de gelegenheid tot een Mexicaanse catchtent was omgeturnd, compleet met ringpoezen en al. Pompende hardrock op de catwalk, vuurwerk, gespierde lijven die door de lucht vlogen, Corona die rijkelijk vloeide. De regels in de ring zijn eenvoudig: de técnicos tegen de rudos. De técnicos zijn ‘de goeden’, de technische vechters die de regels volgen; de rudos zijn de gemene slechteriken, de vuile spelers quoi. De gevechten zijn min of meer vooraf doorgesproken, maar de toeschouwers weten niet wie in de strijd het onderspit zal delven.

In tegenstelling tot de Amerikaanse catchers zijn de Mexicaanse luchadores (ze zijn met zo’n slordige 5000) volkser, theatraler. Er zijn acrobatische gevechten met superatleten en met dwergen en travestieten, en ook vrouwelijke worstelaars schuwen de ring niet. De afsluiter is steevast een man-to-man fight tussen twee grootmeesters. Voor de spektakels in Brussel werd zowat de top overgevlogen met o.a. El Hijo del Santo, Huracan Ramirez Junior, Angel Blanco Junior, El Hijo Del Solitario. Maar het was vooral de flamboyante Cassandra/o die de show stal, compleet met geföhnde Farrah Fawcett-coupe die bij elke worp feilloos overeind bleef. Hij hield ons moeiteloos in zijn greep tijdens zijn pittige duel met luchador Magno. Hoog spektakelgehalte, bezwete lijven, opgehitst publiek tot in de nok, een magnum met amandelen, méér moest dat niet zijn…

Lucha libre – Cassandro

Hockey Homicide

Vandaag kwartfinales van het ijshockey op de Winterspelen in Vancouver. So what, hoor ik u zeggen. Maar! Als de Canadians de kwartfinales halen, spelen ze tegen de Russen, en daar begeven ze zich werkelijk op uí-terst glad ijs!! Toptalent én schrik van het Russische ijshockeyteam, de 24-jarige Alexander Ovechkin, zal er werkelijk álles aan doen om de gouden plak-ambities van de Canadezen voorgoed naar het ijstijdperk te slingeren!


De spectaculaire Russische ijshockeyer Alexander Ovechkin is thans niet alleen de beste, maar ook de best betaalde speler van de National Hockey League, de Noord-Amerikaanse profcompetitie. Hij bewees dat meermaals door onwaarschijnlijke doelpunten te scoren bij zijn ploeg The Washington Capitals, waarbij hij een 13-jarig contract tekende. Hij is een keiharde, ruwe speler, ijzig kalm en zonder angst voor represailles omwille van een kniestoot hier of een duw daar, en wiens toegetakelde gezicht met gehavend gebit zijn razende populariteit alleen maar ten goede komt. Hij is bovendien zoon van 2 topsporters: vader profvoetballer, moeder lid van het Sovjetrussische basketbalteam dat 2 gouden medailles op zijn naam schreef in ‘76 en ‘80. De Canadezen, die hem liever op een afstand houden, weten nu al dat ze niet over 1 nacht ijs zullen gaan en liggen al te bloeden…..