Ik denk dat ik in maart nog maar eens naar de cinema ga gaan. Met veel popcorn graag.
Archive for November, 2010
De Amerikaanse indie rockband Deerhunter uit Atlanta, Georgia heeft een nieuwe plaat uit, Halcyon digest. Sinds het overdonderende Cryptograms uit 2007 volg ik alles op de voet wat zanger, frontman & halfgod Bradford Cox de wereld instuurt. En dat is niet van het geringste. Als je het mij vraagt staan ze nu al op dezelfde eenzame hoogte als Pavement op z’n best. Dit is de eerste single uit Halcyon Digest, een nu al klassiek poppareltje getiteld Helicopter:
De nieuwe plaat klokt af op een keurige 45 minuten en vormt een opvallend samenhangend geheel, met een prikkelend en erg verslavend samenspel van genres als shoegaze, pop en soft punk. Reverbfreak en gitarist Locket Pundt draagt ook zijn geniaal steentje bij met onder andere Desire Lines, een fraaie song met een geweldige, uitgerekte outro waar Deerhunter het patent op lijkt te hebben:
Of wat te denken van Coronado, een sterke lo-fi popsong opgesmukt met een vrolijk pianoriedeltje en een wispelturige saxofoon:
En dan zijn er nog de bovenaardse klanken van het aan de vorig jaar overleden Jay Reatard opgedragen slotnummer He Would Have Laughed:
Tweemaal raden welk album mijn eindejaarslijstje zal aanvoeren…
Voor de liefhebbers: Atlas Sound en Lotus Plaza, de soloprojecten van respectievelijk Bradford Cox en Lockett Pundt, zijn eveneens zeer de moeite waard.
Charles Burns, niet de eigenaar van de kerncentrale in The Simpsons, maar wel de auteur van onder andere het geweldige Black Hole en verschillende legendarische platenhoezen, heeft een nieuwe strip uit. Black Hole is wat mij betreft één van de mijlpalen in de stripgeschiedenis. Dit boek, over hoe jongeren in Seattle omgaan met een seksueel overdraagbare ziekte die mutaties veroorzaakt, heeft mij nooit meer losgelaten. Ook zijn andere bij Fantagraphics verschenen bundels zijn absolute aanraders. Het was lang wachten op X’ed Out, maar het was meer dan de moeite waard. Burns is terug en hij is in topvorm.
Centraal staat Doug, een schuchtere, jonge kerel die zich af en toe aan performance-art in onversneden beatnikstijl waagt. Tijdens die optredens draagt hij bovendien een Kuifje-achtig masker en noemt hij zichzelf ‘Nitnit’. Bij aanvang van het boek is Doug bedlegerig en slikt de ene na de andere pijnstiller. In een droom ziet hij zijn jaren geleden gestorven zwarte kat, Inky, door een enorm gat in zijn slaapkamermuur stappen. Wanneer hij Inky volgt komt Doug in een vreemde wereld vol amfibische wezens terecht. Ondertussen krijgen we via flashbacks een idee hoe hij in zijn ziekelijke toestand is verzeild: je raadt het al, een mysterieus meisje ligt aan de basis van zijn problemen.
Verbluffend is de manier waarop Burns verschillende tekenstijlen gebruikt, afhankelijk van de toestand waarin Doug zich bevindt. Wanneer Doug in die andere dimensie rondwaart refereert Burns overduidelijk aan Hergé. De cover is – hoe kan het anders – eveneens een hommage aan Kuifje, in het bijzonder De Geheimzinnige Ster.
Maar dit is zo veel meer dan een eerbetoon aan Kuifje. Het is pur sang Burns, met een vleugje David Lynch. Voeg daar de vele verwijzingen naar fotografie en de feel en sfeer uit de boeken van hombre invisible William S. Burroughs bij, en je komt uit op een behoorlijk hypnotiserende trip. Ik kijk nu al uit naar het tweede deel van dit veelbelovende drieluik.
Een goeie twee maanden terug zaten we rustig te aperitieven op onze koer toen er plots een tijgergestreepte bruine poes ons kwam begroeten. Een mooie, gezonde kattin, zo dachten we . Ze bleef hangen en sliep in het rommelhok. We doopten haar Trixie en dat leek haar wel te bevallen.
Omdat ze bleef, ging ik met haar naar de dierenarts. Die zei onmiddellijk: mooie kater! Bleek dat Trixie een gecastreerde kater was. We hebben hem dan maar ter plekke Pixie genoemd.
Hij is ongeveer 7 jaar oud (leidde de dierenarts af op basis van zijn gebit), blaakt van gezondheid en is zo dankbaar dat hij een thuis heeft gevonden: hij spint onophoudelijk en is superlief. Geen idee waar hij vandaan zou kunnen komen, maar dat we hem houden is zeker. Dat beest is hier dolgelukkig, denk ik. Pixie voelt hem hier goed, samen met onze andere drie katers (die zijn ook heel erg blij trouwens, met hun nieuwe speelkameraad). Het belooft hier een beestige winter te worden.
Een stevige brok jeugdsentiment vorige week in de Handelsbeurs: stoner rockpionniers Monster Magnet kwamen er even de boel platwalsen. Nu weten we wel zeker dat Josh Homme simpelweg een mietje is. Kameraad Job en ik stelden bij onze aankomst goedmoedig vast dat het publiek van divers pluimage was en dat het aantal motards gehesen in te kleine jeansvesten met het logo van hun chapter erop gestreken door hun moeder, best meeviel. De lelijkheid van de merchandise die te koop was, hield alvast de belofte in van een vlammend metalconcert.
Na een matig voorprogramma (een geheel uit Duitse pornoacteurs van de jaren 70 met bijhorende hoefijzersnorren samengestelde band die luisterde naar de naam 7th Void), kwam een behoorlijk door drank, drugs en héél véél rock ‘n’ roll in het broeierige vet gehesen Dave Wyndorf met wapperende manen even bewijzen dat hij nog steeds de grootste brulboei uit de rockgeschiedenis is.
Wyndorf blijkt bovendien een uiterst sympathieke kerel. Een vakman die het beste uit zichzelf naar boven wist te halen en moeiteloos het publiek op zijn hand kreeg, geruggesteund door een schitterende band waar het speelplezier vanaf droop. Alle hits kwamen aan bod en werden héérlijk lang uitgesponnen. Dit is de setlist:
Wyndorf heeft trouwens gedurende het hele concert zijn gevoerde leren vest aangehouden. Gotta love the guy! Organisator Democrazy maakte een mooie set op hun Flickrpagina. En op Cutting Edge staat er eveneens een mooie set. En niet vergeten:
the Gods told us to relax
![]()
Onze vriend Bertrand heeft precies niet stilgezeten het laatste anderhalf jaar. Meer zelfs, volgens het interview met hem in De Morgen, heeft hij vooral op café gezeten. En wel samen met kompaan Wim De Blay, met wie hij een nieuw bordspel over België en ons zeer origineel politiek beleid uitdokterde: de Belgotron. Dit is een fragment uit hun perstekst:
Op 22 november 2010 komt namelijk De/Le Belgotron op de markt. De/Le Belgotron bestaat uit twee bordspelen en draait helemaal om ons geliefde – of verguisde – België. Zonder politieke boodschap maar wel met een duidelijk doel: België spelenderwijs doorgronden en dat in 2 talen.
De politieke impasse van de laatste jaren inspireerde twee Belgische optimisten, Wim De Blay en Bertrand Devreker, tot het ontwikkelen van een spel over België. Zij zijn er immers van overtuigd dat ondanks zijn absurditeiten en gebreken, België een boeiende plek is om te leven. Het probleem is de complexiteit van het land. En ook: veel Belgen en anderen hebben geen idee van wat ons land te bieden heeft. Vandaar
de poging om in een origineel spel het onbegrijpelijke over dit land begrijpelijk te maken en enkele Belgische schatten bloot te leggen.De/Le Belgotron is een dubbel bordspel. Het eerste spel is een inventieve quiz die de spelers laat zoeken naar weinig bekende maar interessante feiten over België.
Checken die handel!
Hoe zou het nog met de kleinste freak zijn. Awel, zo klein is hij niet meer. Mijnheer Remi likt al aan vaste voeding. Zo van mama en papa stomen worteltjes en patatjes en mixen die en geven die dan aan mijnheer en hij likt er dan eens aan en de rest wordt aan de kippen geschonken.
Een nieuwe modetrend die we zien opduiken ten huize freaky zijn bloesjes, hoodies en andere kledingstukken met een lichte glans van snottebellen. Uitermate hip voor deze winter, dus mocht u eens uw eigen kledij willen pimpen. U bent welgekomen.
De mosterdproductie loopt ook nog steeds ‘vloeiend’. Zeker als papa per ongeluk een pak te grote pampers opendoet en er onze kleine freak eentje aandoet.
U leest het, niks dan goed nieuws.
Beautiful freak.
Vorige vrijdag plantte ik in de gietende regen samen met mijn schoonvader een boom in onze tuin. Een erg heilzame ervaring die ik iedereen kan aanraden. Het gaat over een Catalpa bignonioides ‘Nana’ of boltrompetboom. We kochten hem bij boomkwekerij De Moor, een familiebedrijf gevestigd in Oosterzele. Zeer professionele mensen, met scherpe prijzen en een vriendelijke bediening.
Sinds hij er staat, betrap ik mezelf erop hem iedere dag te groeten. Ik kijk uit naar de dag dat hij zijn fiere kruin zal spreiden en we kunnen genieten van de schaduw van zijn bladerdak. Zoals jullie kunnen zien hebben de katten hem ook al volledig aanvaard.
Gisteren door zéér veel wind en zéér veel regen de 21km van de 30ste editie van de Course du Souvenir al vloekend en tierend uitgelopen. Ik was al lang van plan om eens mee te doen aan deze befaamde race, volgens hun eigen site “de mooiste koers van België”. De “Course du Souvenir” is niet alleen een vereniging van tal van lopers, het is ook een herinnering aan de Wapenstilstand. En het is in Ploegsteert, thuishaven van wielergod wijlen Frank Vandenbroucke. Tien jaar geleden werd, op de grote markt van Ploegsteert, ter herinnering van de duizenden soldaten die er sneuvelden in 14/18, een gedenkplaat onthuld, door niemand minder dan de kleinzoon van Sir Winston Churchill.
Tot zover de historiek. De koers zelf is heel goed georganiseerd en ik ben best wel blij met mijn resultaat, zeker gezien de erbarmelijke omstandigheden:
Het parcours is verbluffend mooi, met voor elk was wils: weidse velden, glooiend platteland, zompige bossen, eindeloze soldatengraven met witte kruisjes! En je passeert zelf bij “de Memorial en zijn talrijke grafzuilen,vereeuwigen onze lopers voor de eeuwigheid de herinnering van deze mannen die hun leven gaven om de vrijheid te verdedigen!” Bovendien krijgt iedere deelnemer aan de finish (aan het café van Vandenbroucke zijn moeder, trouwens) een frisse Queue de Charrue, het lokaal gebrouwen biertje. Hier loop ik aan de linkerzijde, met de rode regenjas en de verbeten blik:
Nog nooit zo afgezien… En alles doet weer pijn. Maar ook zeer gelukkig, natuurlijk.












Recent Comments